Intro

Pleegkinderen nemen in diverse financiële regelingen een bijzondere positie in. Deze positie heeft ook gevolgen voor pleegouders. Pleegouders kunnen onder voorwaarden een beroep doen op verschillende wettelijke financiële regelingen die verband houden met zorg, onderwijs, werk en inkomen. Deze regelingen vinden onder andere een belangrijke basis in de Jeugdwet die op 1 januari 2015 in werking is getreden.

Ieder kind is uniek

Pleegouders spannen zich met hart en ziel in waardoor kinderen en jongeren veilig kunnen opgroeien. Ze maken daarbij ook kosten. Pleegouder Willem vroeg zich af: ‘Vergoedt mijn gemeente het vervoer van school naar huis van mijn pleegdochter?’ Na de transitie zijn verschillen per gemeente ontstaan, veranderingen blijven komen en ieder kind is uniek. We adviseren pleegouders, voordat ze kosten maken, eerst te overleggen met de eigen pleegzorgbegeleider. Zo vinden we samen voor ieder kind een oplossing.

Pleegvergoeding

De rijksoverheid stelt jaarlijks het basisbedrag voor de pleegvergoeding vast in de Regeling Pleegvergoeding. De pleegvergoeding is afhankelijk van de leeftijd van het pleegkind. De Regeling Pleegvergoeding 2019 is onderdeel van de Regeling Jeugdwet. In artikel 5.3 zijn regels over de vergoeding van bijzondere kosten opgenomen.

Financiële wegwijzer

Om inzicht te geven in Pleegzorg Financiën hanteert Youké een financiële wegwijzer. Ook Pleegzorg Nederland heeft op een rijtje gezet wat je moet weten van wettelijke regelingen en voorzieningen. In de praktijk kunnen zich uitzonderingen voordoen. Uitzonderingssituaties kunnen invloed hebben op regelingen. Bespreek je unieke gezinssituatie met je pleegzorgbegeleider of met de gemeente die verantwoordelijk is volgens het woonplaatsbeginsel.

Woonplaatsbeginsel

De verantwoordelijkheid voor een kind of jongere ligt in principe bij de gemeente waar degenen wonen die het ouderlijk gezag hebben over het kind of de jongere. In geval van pleegzorg in het vrijwillig kader of in geval van een ondertoezichtstelling is de verantwoordelijke gemeente waar de gezagsdragers wonen en niet de gemeente waar de pleegouders wonen. Ligt de voogdij bij een gecertificeerde instelling, dan is de werkelijke verblijfplaats van het kind of de jongere bepalend en is de gemeente van het pleeggezin financieel verantwoordelijk voor de pleegzorg. In het geval van pleegoudervoogdij is het de gemeente waar de pleegoudervoogden wonen.